NaamloosTaxonomie

Witbuikegels behoren tot de Insecteneters in de klasse van de Zoogdieren. Ze behoren tot het geslacht Atelerix, wat één van de geslachten binnen de subfamilie van de stekelegels is. De Atelerix omvat de soorten egels die afkomstig zijn uit Afrika. De Latijnse benaming voor Witbuikegels is Atelerix albiventris.

Rijk:           Animalia (Dieren)
Stam:         Chordata (Chordadieren)
Klasse:       Mammalia (Zoogdieren)
Orde:          Eulipotyphla (Insecteneters)
Familie:      Erinaceidae (Egels)
Geslacht:    Atelerix (Afrikaanse egels)
Soort:         A. albiventris (Witbuikegel)


Verspreiding

De Witbuikegel komt voor in Centraal Afrika vanaf Senegal tot Somalië en zuidwaarts richting Noord-Zambia. Ze komen voor in halfwoestijnen (Sahel, landstreek) en leven tussen de struiken, boomstammen en in holen tussen steenpartijen. Ze zijn dus wel gewend aan een zachtere ondergrond en leven in zeer droge gebieden met relatief weinig beplanting. In de halfwoestijn ligt de temperatuur gemiddeld tussen 22 en 26 graden Celcius in de zomerse nachten. Overdag kan de temperatuur oplopen tot boven de 40 graden Celcius. Dan verschuilen de egels zich in de koele holen in de schaduw. In extreme warme zomers kunnen ze een zomerslaap houden. In de winter zijn de nachten kouder, maar niet onder de 17 graden Celcius. Witbuikegels houden in deze koude nachten een korte winterrust die hooguit een paar dagen duurt. Ze kunnen echter beter tegen warmte dan tegen de kou. Hieronder zie je enkele overzichten van eigenschappen van de landstreek Sahel.

Steppe klimaat
  • Gemiddelde temp. boven 18 °C
  • Tien maanden droogte
  • 2700 tot 3500 uur zon p/j

Regenseizoen
  • Twee maanden p/j
  • 100-600 mm p/j
  • 25-75% luchtvochtigheid

Droogteseizoen
  • 10-25% luchtvochtigheid
  • Tien maanden p/j
Temperaturen
  • 25 – 42 °C, warme periode
  • 15 – 21 °C, koude periode
Flora
  • Grasland & savanna
  • Gebieden met bomen
  • Gebieden met struiken
Fauna
  • In regenseizoen bewoond door grazende dieren.
  • Kleindieren als Witbuikegels jaarrond.
  • Sahel region: Mali

Foto’s via Wikipedia.

In gevangenschap wisselt de temperatuur te snel om gepast op de situatie te reageren, waardoor ze al snel in een shock raken die lijkt op een winterslaap. Echter met het verschil dat de egels binnen enkele uren kunnen overlijden als er niet tijdig wordt ingegrepen. Daarom wordt er als huisdier geadviseerd de temperatuur zo stabiel mogelijk te houden met een minimale temperatuur van 22 graden Celcius en een maximum van ca. 35 graden Celcius in de warme zomers. Huisvesting op te koude temperaturen op lange termijn kunnen orgaanfalen, nier- en leverafwijkingen en een verstoorde stoelgang veroorzaken, elk met veel bijkomende andere gezondheidsproblemen.


Anatomie

Anatomie is eigenlijk niets meer of minder dan hoe het lichaam in elkaar steekt. De vorm van de kop, het aantal botten in het lichaam, de werking van organen, al deze kennis valt onder anatomie.

ReminiscenceKop

Foto door Hedgery of the High Moors.
De kop heeft een hartvormige vorm, waarbij de punten vanaf de onderkant van beide oren aan de buitenkant tot aan de zijkant van de neus in een perfecte lijn lopen.  Vanaf dezelfde punten getekend over de gehele onderkant van de oren tot aan het midden van het voorhoofd langs de stekellijn vormt een mooie 3-vorm op zijn kant.

Oren
De oren zijn rond aan de bovenkant en vormen elk een half ovaal. Ze zijn wat ver naar achteren en aan de zijkant van de kop geplaatst. Tussen beide oren zit ongeveer 1 tot 1,5 cm ruimte die opgevuld worden door de twee dorsale spieren. Hier zijn de stekels langer dan op de rest van het lichaam.

Ogen
De ogen zijn rond van vorm en puilen lichtjes uit. Ze zijn aan de zijkant van de kop geplaatst, wanneer je een rechte lijn vanaf het midden van de oren naar de neus trekt. Bij sommige egels het het oogwit (de ‘sclera’) zichtbaar als een blauwe ring rond het oog.

21191884_10212233166015809_2642689471839880468_n
Foto door Dannielle Barnard.

Neus
De neus is licht ovaal en plat, het doet denken aan een varkensneus. Aan de onderzijde van de neus bevindt zich een klein ‘deukje’ waar de mond samenkomt met de neus.

Bek & tanden
Witbuikegels hebben een relatief grote bek die licht driehoekig van vorm is. Ze hebben kleine, platte kiezen en daarvoor een aantal kleine, scherpe tanden. Vooraan in de bovenkaak bevinden zich twee langere, scherpe tanden die doen denken aan vampierstanden. Hiermee kunnen ze hun prooien snel bijten met meestal een vlugge dood tot gevolg. Ook in de onderkaak bevinden zich twee langere tanden, maar deze vallen niet zo erg op.

Romp

Een egel heeft een druppelvormig lichaam. Totaal kan een Witbuikegels tot 15 tot 25 cm lang worden en tussen de 250 en 600 gram wegen. De flanken (zijkanten van de buik) lopen liefst in een rechte lijn, maar mogen iets bol lijken van bovenaf. Wanneer de flanken hol zijn, is de egel te mager.

De buik heeft kleine, witte haartjes. De huid is meestal zichtbaar door de vacht heen en de geslachtsdelen zijn goed te zien. Bij een vrouw zitten de anus en vulva dicht op elkaar, bijna onder tussenruimte. Bij een man zit de anus vlak onder de staart en de penis bijna halverwege de buik. Bij volwassen mannen valt dit beter op dan bij jonge egels, maar het geslacht is desondanks niet moeilijk te onderscheiden.

De scheidingslijn tussen de vacht op de buik en de stekels op de flanken, noemen we de ‘rok’. Een Witbuikgel heeft ca. 4000 tot 6000 stekels op zijn hele lichaam wanneer het dier volwassen is.

Stekels

Een Witbuikegel (Atelerix albiventris) wordt geboren met zo’n 50 tot 100 witte, buigzame stekels die bij de geboorte onder de huid liggen en binnen een uur na de geboorte door komen. Naarmate de egels groeien, gaan ze door verschillende fasen waarin stekels uitvallen en plaats maken voor nieuwe, gekleurde stekels. Deze stekels worden per fase (die een verstekeling worden genoemd) sterker, intensiever van kleur en minder buigzaam. De verstekelingsfasen vinden plaats met:

SONY DSC
Foto door Hedgery of the High Moors.
Twee dagen leeftijd

Hier komen de eerste sterkere stekels door. Deze kunnen al gekleurd zijn, maar kunnen ook nog wit zijn.

SONY DSC
Foto door Hedgery of the High Moors.
Twee weken leeftijd

Dit is de eerste fase waar goed met kleur geringde stekels door komen. Deze fase duurt ongeveer twee dagen.

SONY DSC
Foto door Hedgery of the High Moors.
Vier weken leeftijd

Tijdens deze fase wordt de keur van de stekels intensiever en worden de stekels minder buigzaam. De fase duurt ongeveer drie dagen.

SONY DSC
Foto door Hedgery of the High Moors.
Zes weken leeftijd

In deze fase worden de stekels aan de uiteinden scherper en worden de stekels zichtbaar langer en de kleur intensiever. Deze fase duurt tussen de drie en zes dagen.

IMG_7112
Foto door Hedgery of the High Moors.
Acht weken leeftijd

Dit is de laatst fase waarin de kleur van de stekels nog maar toeneemt waardoor een goede kleurbepaling van het dier mogelijk wordt. De stekels worden erg scherp aan de uiteinden en bij sommige egels is deze fase zo extreem dat het lijkt alsof ze bijna kaal worden. De fase duurt ongeveer een week, maar kan ook langer duren en overlappen met de volgende fase.

SONY DSC
Foto door Hedgery of the High Moors.
Twaalf weken leeftijd

In deze fase worden de stekels weer iets minder scherp, maar wel sterker en minder buigzaam. De stekels op het voorhoofd nemen hun uiteindelijke lengte aan en zijn zichtbaar langer dan de andere stekels op het lichaam. De kleur wordt niet intensiever bij deze fase. De fase duurt slechts enkele dagen.

IMG_6831
Foto door Hedgery of the High Moors.
Zes tot acht maanden leeftijd

In deze fase neemt de kleurintensiviteit weer af. De fase duurt lang en gaat erg geleidelijk en kan variëren vanaf een periode van een week tot een maximum van twee maanden. Dit is de laatste echte fase.

Na deze verstekelingsfasen, wisselt een Witbuikegel gemiddeld twee tot vijf stekels per maand en de kleur kan af blijven nemen naarmate het dier ouder wordt. Als de egel een verdonkeringsfactor heeft (Umbrous of ook wel Algerian genoemd), blijft de kleur na de laatste fase constant.

Vorm
De stekels beginnen vanuit een haarzakje die zorgt dat de stekel onder de huid blijft hangen. Vanuit het haarzakje begint de stekel stomp aan de onderzijde en loopt licht bolvormig omhoog naar het midden van de stekel. Daarna loopt het weer af naar puntige uiteinde van de stekel. De punt, wat ongeveer de laatste 3 tot 6 mm omvat, is licht gebogen. Zo hebben soortgenoten bij een dekking -of als huisdier de eigenaren- geen last van de stekels. Dan liggen de stekels plat op de huid en hangt de punt naar beneden gebogen. Echter bij gevaar, worden de stekels opgezet en staat de gebogen punt naar boven en deze kan dan schade toebrengen aan de aanvaller. De positie van de stekels wordt bepaald door twee parallelle spieren die vanaf het voorhoofd tussen de oren tot aan de achterhand lopen, dit zijn de ‘dorsale spieren’. Wanneer een egel deze spieren ontspant, liggen de stekels plat. Wanneer de egel zich oprolt en de spieren aanspant, staan de stekels recht overeind.

Foto’s door Toni Gisone

Lengte
Bij de geboorte zijn de stekels enkele mm lang en is er nog geen verschil tussen de stekels in lengte. Naarmate de egel ouder wordt en opgroeit tot volwassen egel, worden de stekels langer en wordt het verschil tussen de stekels in de rok, op de rug en op het voorhoofd steeds duidelijker. Op volwassen leeftijd zijn de stekels in de rok -de lijn waar de stekels ophouden en de vacht op de buik begint- het kortst: sommige zijn maar 8 mm lang! Op de rug zijn ze gemiddeld tussen de 12 en 15 mm lang en op het voorhoofd kunnen ze tot wel 28 mm lang worden! Deze voorhoofdstekels worden in het wild gebruikt om prooien mee te verwonden. Kleine slangen worden met deze stekels gemakkelijk doorboord en doodgemaakt, voordat ze opgegeten worden.

Luchtkussens en –schachten
In de haarzakjes zitten kleine luchtkussentjes. Deze zijn microscopisch klein, maar hebben een heel belangrijke functie. Ze voorkomen dat de stekels bij veel druk, terug de huid in gedrukt worden en de egel van binnenuit beschadigen. Wanneer een egel van een hoogte valt of belaagd wordt door een roofdier, wordt de lucht in deze kussentjes verdeeld over de acht luchtschachten die zich in de stekels bevinden over de hele lengte, waardoor de stekels op hun plek blijven en de egel nadien zonder verwondingen verder kan. De stekels zelf zijn daarnaast ook nog buigzaam, dus de combinatie functioneert als een soort trampoline effect.

Poten

Witbuikegels hebben twee voor en twee achterpoten. De voorpoten tellen vijf tenen, maar de achterpoten tellen er vier. Hierdoor worden ze ook wel ‘Vierteen egel‘ genoemd. De tenen hebben kleine, doorzichtig witte nageltjes waarin de bloedstroom duidelijk kan worden gezien. De voetjes hebben zachte, roze voetbedden die geen eelt kunnen aanmaken. Dit komt door de zachte bodem van hun natuurlijke omgeving. De voetzooltjes zijn onbehaard, maar bovenop de poten vindt lichte beharing plaats.

Organen & skelet

De anatomie van Witbuikegels bestaat natuurlijk niet alleen uit het uiterlijk, maar ook wat er zich onder het vel bevind. Ook het skelet en de organen horen hier bij. We zullen niet alles behandelen, maar wel de meest opvallende aspecten.


Erinaceus europaeus, Europese egel. Via Wikimedia Commons.

Hierboven zie je een schematische tekening van het skelet van een Europese egel. Hoewel er wel kleine verschillen in zitten, zijn de soorten vrijwel gelijk. Witbuikegels hebben 36 tanden en kiezen, waarvan de vier voortanden langer zijn dan de andere tanden en kiezen. Met deze voortanden kunnen ze kleine prooien in één hap doden. Hun nek is erg kort, waardoor ze in een opgerolde positie lang kunnen blijven liggen zonder schade te doen aan hun lichaam. Een ander verschil met andere egelsoorten, is dat Witbuikegels aan de achterpoten maar vier tenen hebben in plaats van vijf.

Verteringsstelsel
Witbuikegels zijn opportunistiche insectivoren. Dat houdt in dat ze vooral insecten eten, maar daarnaast ook kleine prooidieren als vogels en kleine knaagdieren. Bladgroen en vruchten eten ze maar héél zelden. Dit komt, omdat er niet altijd even veel eten te vinden is en ze daardoor ook soms genoegen moeten nemen met andere voedingsstoffen om in leven te blijven.
Om hun aanleg als insectivoren, is hun verteringsstelsel maar heel kort. Dierlijke voedingsstoffen zijn namelijk makkelijk te verteren en hebben dus geen lange weg nodig. Vanaf hun maag gaat het voedsel naar de dunne darm en daarna gelijk naar de dikke darm, endeldarm en verlaat het het lichaam via de anus. Witbuikegels hebben geen blindedarm. Dat is waarschijnlijk te wijten aan het feit dat ze (bijna) geen plantaardig voedsel eten, maar onderzoeken zijn hier niet heel duidelijk over.
De dunne darm is ongeveer 1,5 keer zo lang als de dikke darm. Dat komt omdat de dunne darm al bijna alle voedingsstoffen heeft opgenomen en de dikke darm dus minder hoeft te doen.

Orgaan van Jacobson
Witbuikegels hebben een soort zesde zintuig. het orgaan van Jacobson zorgt er voor dat nieuwe geuren goed worden opgenomen en verwerkt in de hersenen. Het orgaan ligt tussen het gehemelte en de neusholte. Als de egel een nieuwe geur opsnuift, krijgt het orgaan een seintje en komt er een grote hoeveelheid speeksel vrij. Dit spoelt als het ware door het orgaan en wanneer de hersenen de geur hebben geregistreerd, smeert de egel het over zijn lichaam. Het uitsmeren of ‘speekselen’ doen ze om het orgaan weer te legen en schoon te maken voor de volgende nieuwe geuren. Waarom ze het perse op hun eigen lichaam doen, dat is niet duidelijk.